Ergens in oktober stopt het gras met groeien, het hek staat in de modder, en de boer bij wie je hooi koopt wil weten hoeveel balen hij apart moet zetten. Hoeveel hooi eet een paard? De KNHS rekent voor onderhoud met 1 tot 1,5% van het lichaamsgewicht aan ruwvoer in droge stof, en een paard dat onbeperkt kan eten neemt meer op. Reken je met 2% in droge stof, dan is dat voor een paard van 500 kg zonder weidegang ongeveer 11 kg hooi per dag, of twee ton over een winter van zes maanden, voordat er één hap verspild is.
Dit stuk is voor de eerste eigenaar die de eerste winter begroot. Het gaat over de hoeveelheid per dag en waar dat cijfer vandaan komt, over de ondergrens, over de stap van kilo's naar balen, over wat er onder de hoeven verdwijnt en over wat hooi kost volgens de weinige prijsnoteringen die er zijn.
Hoeveel hooi eet een paard per dag?
Voer reken je uit als percentage van het lichaamsgewicht. De Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie (KNHS) schrijft op haar pagina over goede voeding dat een normaal paard voor zijn onderhoud dagelijks zo'n 1 tot 1,5% van zijn lichaamsgewicht nodig heeft aan ruwvoer, gerekend in droge stof. Voor een paard van 600 kg is dat volgens de KNHS 6 tot 9 kg droge stof per dag, wat zij omrekent naar 7,5 tot 12 kg hooi.
Amerikaanse bronnen zitten hoger. University of Minnesota Extension noemt in haar advies over de hooivoorraad 2% van het lichaamsgewicht als richtgetal voor de meeste paarden. In een proef van dezelfde universiteit namen paarden die vrij van een ronde baal in een ruif konden eten 2,0 tot 2,4% op. Met die 2% rekenen we hieronder de winter door.
Voedingsdeskundigen tellen in droge stof, het voer zonder het water, en daar gaat de som meestal mis. Hooi bestaat voor meer dan 85% uit droge stof en voordroogkuil kan tot 50% zakken, schrijft het instituut achter een Europees overzichtsartikel over ruwvoer uit 2017, dat in zijn eigen voorbeelden voor hooi met 90% rekent. De KNHS rekent met 80%. Met 90% is 2% van 500 kg dus 10 kg droge stof, en 10 ÷ 0,9 is 11,1 kg hooi op de weegschaal; met 80% wordt het 10 ÷ 0,8 = 12,5 kg. Van voordroogkuil heeft hetzelfde paard meer kilo's nodig, niet evenveel. Weeg het hooi in plaats van plakken te tellen: een hooinet en een bagageweegschaal volstaan.
De ondergrens waar je niet onder voert
Over het minimum zijn de bronnen het niet eens. De consensusverklaring over maagzweren van het European College of Equine Internal Medicine (ECEIM) uit 2015 zegt dat paarden die hooi krijgen minstens 1,5 kg droge stof per 100 kg lichaamsgewicht per dag moeten hebben. Voor het paard van 500 kg is dat 7,5 kg droge stof, en 7,5 ÷ 0,9 is 8,3 kg hooi. Het overzichtsartikel uit 2017 verhoogde het aanbevolen minimum van 10 naar 15 gram droge stof per kilo lichaamsgewicht, dezelfde 1,5%.
De 1% waarmee de bandbreedte van de KNHS begint, is het oudere cijfer; ook Minnesota drukt het nog af. De KNHS noemt haar getallen bovendien een behoefte en geen minimum. Wie de Europese ondergrens aanhoudt, komt op de bovenkant van de KNHS-bandbreedte uit: 1,5%. Onder de ondergrens gaan, bijvoorbeeld bij een te dikke pony, is een beslissing van je dierenarts en niet van het budget.
Waarom die ondergrens bestaat, wordt vaak aangedikt. Het ECEIM-panel schrijft dat meer dan zes uur tussen twee ruwvoermaaltijden de kans op zweren in het klierloze deel van de maag vergroot en dat vasten een goed beschreven risico is. Het schrijft ook dat sterk bewijs ontbreekt dat onbeperkt ruwvoer zweren voorkomt, en dat zetmeel de consistentere factor is. Een Texaans onderzoek onder 364 paarden, gepubliceerd in 2001, verbond koliek niet met de hoeveelheid hooi maar met een recente wissel van partij en met voeren uit ronde balen. Voor de winterbestelling is de les eenvoudig: koop als het kan één partij, en schakel geleidelijk over als die op is.
Van kilo's per dag naar balen voor de winter
Tel je eigen dagen zonder gras. De 180 dagen in dit voorbeeld zijn een aanname, geen cijfer uit een bron. Het paard van 500 kg neemt 10 kg droge stof per dag op, in 180 dagen dus 1.800 kg, en 1.800 ÷ 0,9 is 2.000 kg hooi. Dat is gegeten hooi, niet gekocht hooi. Het verschil hangt af van hoe je voert. Gemeten is het in proeven van de universiteit van Minnesota; een Europese proef vonden we niet.
| Hoe het hooi gevoerd wordt | Verlies | Inkopen voor 2.000 kg gegeten hooi |
|---|---|---|
| Kleine balen, buiten, in een ruif | 1 tot 5% | 2.020 tot 2.105 kg |
| Kleine balen, buiten, op de grond | 13% | 2.299 kg |
| Ronde baal in een ruif | 5 tot 33% | 2.105 tot 2.985 kg |
| Ronde baal zonder ruif | 57% | 4.651 kg |
De som is gegeten hooi gedeeld door één min het verlies: 2.000 ÷ 0,95 = 2.105 kg. Reken daarna om naar balen met het gewicht van de balen die je aangeboden krijgt, want een baal is geen eenheid. De voorbeeldbaal van Minnesota weegt 50 Amerikaanse pond, 22,7 kg; het Franse paardeninstituut IFCE rekent met ronde balen van 350 kg. In het eerste geval is 2.105 kg 93 balen, in het tweede 6. Weeg er drie of vier voordat je een prijs afspreekt, en vraag de prijs per ton. Sla het hooi binnen op: Minnesota meldt 7 tot 49% verlies aan droge stof bij ronde balen die onafgedekt buiten lagen, tegen 2 tot 6% binnen.
Kwaliteit bepaalt mee hoeveel je voert
Twee partijen hooi die op elkaar lijken, kunnen heel verschillend voeren. In het voorbeeld van Minnesota deed 8,2 kg (18 pond) van een grashooi het werk van 6,8 kg (15 pond) van een rijker gemengd hooi. Met het oog zie je dat niet: de energiewaarde is volgens de KNHS alleen te bepalen door middel van een analyse. Minnesota zet in haar uitleg bij een hooianalyse een basisanalyse op ongeveer 20 dollar, het IFCE in Frankrijk een uitgebreidere op een euro of vijftig. Een gepubliceerde Nederlandse prijs hebben we niet.
De analyse geeft ook suiker en zetmeel, en die bepalen of een hooi past bij een paard met hoefbevangenheid. Minnesota en de British Horse Society leggen die grens allebei rond 10 tot 12%; daarboven wordt het hooi geweekt of vermeden. Op de dag van aankoop telt het vocht. De uitleg van Minnesota noemt 10 tot 15% als het juiste bereik en waarschuwt dat hooi boven 16% kan gaan schimmelen.
Wat kost hooi voor een hele winter?
Hier is het bewijs dun. We vonden in geen van de tien landen die we nakeken een instantie die publiceert wat een paardeneigenaar betaalt voor een kleine baal, afgeleverd op stal. Wat er wel bestaat, zijn groothandelsnoteringen per ton. Ze zijn de bodem onder je rekening, niet de rekening.
Voor Nederland zijn dat de noteringen voor hooi en stro in Nieuwe Oogst, het blad van LTO. In week 40 van 2026 stond graszaadhooi in Middenmeer op 125 tot 130 euro per 1.000 kg en rietzwenkhooi in Goes op 105 tot 110 euro, beide exclusief btw. Voor weide- en dijkhooi was er die week geen notering.
Haal de 2.105 kg erdoor. Dat is 2,105 ton: 2,105 × 125 = 263 euro en 2,105 × 130 = 274 euro voor graszaadhooi. Verdeeld over zes maanden is dat 44 tot 46 euro per maand. Gaat er 57% verloren, zoals bij de ronde baal zonder ruif in Minnesota, dan koop je 4,651 ton en wordt het 4,651 × 125 = 581 euro tot 4,651 × 130 = 605 euro. Reken in alle gevallen op meer dan deze bedragen, want kleine balen, bezorging, stapelen en btw komen erbij.
Krachtvoer is het andere deel van de vraag, en voor veel paarden het kleinere. Minnesota Extension schrijft dat de meeste categorieën paarden hun energiebehoefte geheel of grotendeels uit goed hooi kunnen halen. Waar wel krachtvoer gevoerd wordt, kan het de rekening bepalen. In een rekenvoorbeeld van het IFCE tegen prijzen van 2014 kostte 4 kg brok 2,32 euro per dag, naast 0,63 euro voor 7 kg hooi. Dat is oud en Frans, en een ander instituut dat zo'n cijfer publiceert vonden we niet. Wat je paard naast hooi en zout nodig heeft, is een vraag voor je dierenarts.
Waar wij in beeld komen
Hoofine kan je hooi niet wegen, en je paard ook niet. Wat het wel kan, is de mensen die ruwvoer verkopen op één plek zetten: de voerleveranciers in de gids zijn er om een prijs per ton en een baalgewicht aan te vragen. Staat je paard op een pensionstal, ga dan vóór je bestelt na of hooi in de pensionprijs zit; wat stalling echt inhoudt legt uit waarom dat verschilt, en de pensionstallen in de gids kun je het rechtstreeks vragen. Een paard dat op een verstandig rantsoen afvalt, heeft een van de paardendierenartsen nodig, niet simpelweg meer hooi. En hooi is één regel in de grotere begroting van wat een paard per maand kost.



